Bloemendalerpolder
Nieuw plan voor de Bloemendalerpolder
Eind 2010 constateren partijen dat het Masterplan Bloemendalerpolder geen basis is voor een sluitende business case. De private partijen geven aan dat zij niet aan eerder gemaakte afspraken kunnen voldoen omdat de marktomstandigheden gewijzigd zijn. Het College van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland heeft daarop besloten met de betrokken partijen de anticipatieovereenkomst uit 2007 te verlengen om toch nog nieuwe samenwerkingsmogelijkheden te verkennen. Nut en noodzaak van bebouwing van de Bloemendalerpolder staan daarbij niet ter discussie.
Het College heeft met de private partijen een voorlopig akkoord bereikt dat het nieuwe ruimtelijke en financiële kader bepaalt. Het plan is om begin 2012 een nieuwe samenwerkingsovereenkomst aan Provinciale Staten voor te leggen. Het voorlopig akkoord en de kaders zijn besproken in de commissie Ruimte en Milieu begin september 2011.
De omstandigheden zijn gewijzigd. Bij het aangaan van nieuwe afspraken moet de provincie naast een kritische analyse en een weloverwogen afweging maken welke bebouwing nuttig en noodzakelijk is. Het coalitieakkoord wil alleen bouwen naar behoefte met een sluitende business case. D66 is tegen constructies tussen de Provincie en private partijen waarbij risico’s worden overgenomen.
In de commissievergadering heeft D66 aangegeven dat de volgende overwegingen een belangrijke rol spelen:
- Op basis van de eerdere uitgangspunten is er geen sluitende business case. De marktpartijen voldoen niet aan de afspraken die daarbij gemaakt zijn.
- Een belangrijke beleidswijziging is dat in de (ontwerp) Rijksstructuurvisie Infrastructuur en Ruimte het rijk zich terug trekt uit dit “voorbeeldproject voor gebiedsontwikkeling”.
- Het Rijk laat de ruimtelijke ordening aan de Provincie over. Ze schrapt in haar Structuurvisie de verstedelijkingsafspraken, bufferzones, stedelijke netweken, nationale landschappen en het uitgangspunt migratiesaldo nul. Voorts laat het Rijk de eis vallen om tweederde van de polder groen te houden en voor een aantrekkelijke recreatieve inrichting te zorgen. De Bloemendalerpolder is in de Rijksstructuurvisie wel onderdeel van het werelderfgoed Hollandse Waterlinie.
- Het oorspronkelijke doel is om woningbehoefte in de regio op te vangen, totdat Amsterdam en Almere weer aan de woningvraag kunnen voldoen. Inmiddels is de situatie veranderd en zijn er bijvoorbeeld in Weesp meer binnenstedelijke ontwikkelingsmogelijkheden.
- Het Besluit Ruimtelijke Ordening vereist motivering volgens de “SER ladder” in de planprocedures, d.w.z. optimaal gebruik van ruimte binnen het stedelijk gebied, meervoudig ruimtegebruik en multimodale ontsluiting
D66 is het eens met het College van Gedeputeerde Staten dat naar een ontwikkeling van de locatie voor de langere termijn wordt gekeken en de randvoorwaarden worden vastgelegd. Het uitgangspunt dat de Provincie bij de uitvoering geen risico loopt, heeft zeker de instemming van D66.
Er zijn nog meer positieve punten in het nieuwe plan. De woningbouw concentreert zich rond station Weesp. De Vechtoevers worden niet bebouwd. De Brediusgronden blijven beschikbaar voor sport. De bebouwing houdt meer afstand tot het tracé van de verbrede A1. Het aantal woningen is tussen 2350 en 2750, en niet meer.
D66 heeft nog een aantal vragen. Waarom is de gemeente Muiden niet bij de besprekingen betrokken, en waarom is het akkoord door het College bekrachtigd is zonder dat de betrokken gemeenteraden en Provinciale Staten vooraf gehoord zijn?
D66 heeft het College van Gedeputeerde Staten de volgende opmerkingen, adviezen en vragen meegegeven:
- Met private partijen duidelijke afspraken maken over de kwaliteit van de groenontwikkeling, het water en de ontsluitingsweg. Voor het beheer van het bovenwijksgroen vastleggen vanaf welk moment de beheertermijn van 15 jaar start.
- Er moet goed vastgelegd worden dat er maximaal 2750 woningen gebouwd worden. Geen ontsnappingsclausules!
- In de plannen moeten overlastbeperkende en veiligheidsmaatregelen opgenomen worden vanwege uitbreiding en intensiever gebruik van het spoor voor reizigersvervoer, maar ook voor vracht en chemische stoffen!
- De ontsluiting van de Bloemendalerpolder moet nog geregeld worden. Dit is voor D66 een heikel punt. Ter voorkoming van grote problemen moet die aansluiting op de A1 tijdig gerealiseerd worden. De Papenlaan en de Korte Muiderweg moeten autoluw worden.
- D66 wil bouwen naar marktbehoefte. De bouw en uitgifte van woningen moet regionaal afgestemd worden. De woningvoorraad met bouwplannen in de gemeenten Weesp, Muiden en het Gooi moeten met elkaar afgestemd worden.
- De nu in het plan opgenomen huizenprijzen maken de woningen voor een grote groep mensen onbereikbaar. D66 vindt dat 10% van de woningen echt sociaal bereikbaar moet zijn en dat is veel lager dan € 265.000.
- D66 vraagt zich af of alle gemaakte afspraken met het Rijk over geluids- en milieu maatregelen langs de A1 overeind blijven. Als het Rijk de geluidswerende voorzieningen aan de zuidkant van de A1 definitief schrapt, komen deze kosten dan bij het project? Ze zijn zeker nodig!
- Het is nog niet duidelijk hoe de wateropgave in het gebied wordt verwerkt. Een deel van de Gemeenschapspolder wordt bebouwd en de recreatieve waterpartij vervalt. Het College moet hiervoor een oplossing aandragen.
- De hoogspanningsleidingen worden naar de Muidense kant ten noorden van A1 verschoven. D66 vraagt zich af of dit nodig is en of er overleg is geweest met de gemeente Muiden hierover.
D66 wil een sluitende business case zien en vraagt om meer inzicht in de risico’s en kosten voor de Provincie ten opzichte van de private partijen:
- De Rijksplankosten worden betaald binnen het project, maar de Provincie krijgt geen vergoeding van de € 1,3 miljoen voorbereidingskosten. Ook de gemeenten blijven met plankosten zitten. Het is vreemd dat het Rijk beloond wordt voor terugtrekken uit deze opgave. Waarom worden de plankosten niet gedekt uit de planontwikkeling zoals gebruikelijk?
- Hoeveel geld heeft de Provincie in aankoop van gronden en planontwikkeling gestoken? Is het juist dat de planontwikkelingskosten totaal € 8 miljoen zijn, waarvan € 2,7 door AGV en € 1,3 door de Provincie?
- Hoe ziet de Provincie haar rol verder? Hoeveel geld en inspanningen steekt de Provincie nog in subsidies, bestemmingsplannen, MER, aankoop gronden, onteigening, etc.? Moeten er nog cruciale percelen in verband met de ontsluiting worden aangekocht? Draagt de Provincie alleen subsidie bij voor het duurzaamheidsfonds en niets verder voor het bovenwijksgroen? D66 wil een helder overzicht.
- Van BBL worden gronden overgenomen voor € 3,92 miljoen. Deze gronden worden later fasegewijs doorgeleverd aan private partijen voor geraamd € 3,1 miljoen. Dat is een risico voor de Provincie dat gedekt wordt uit anticiperende aankopen. Voor 14 ha BBL gronden aan de Vecht verwacht de Provincie € 2 a 3,2 miljoen te ontvangen. Ook dat is een risico. RCM (sportcentrum Muiden) is voor € 2,5 miljoen door Provincie verworven. Hoe wordt dat gedekt?
- Beheer en onderhoud van 200 ha robuust groen buiten de woonomgeving komt ten laste van de Provincie. De grenzen van dit gebied moeten duidelijk worden aangegeven.
Het College van Gedeputeerde Staten heeft aangegeven de vragen schriftelijk te beantwoorden.
Hein Struben, september 2011



